De vrouwen in het kabinet-Rutte
Twintig bewindspersonen telt het kabinet-Rutte. Van die twintig is 20% vrouw. Dat is niet veel als je bedenkt dat grofweg de helft van de Nederlandse bevolking vrouw is.
De Vrouwenstartpagina stelt de vier vrouwelijke bewindspersonen aan je voor.
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
De minister: 'Het Nederlandse onderwijs hoort bij de wereldtop. Mijn inzet is om er voor te zorgen dat we daar ook blijven. Daarvoor is veeleisendheid een must. Dat geldt niet alleen voor leerlingen en docenten maar ook voor ouders. Mijn focus de komende jaren is simpel: lessen van goede kwaliteit die gegeven worden door leraren van wereldklasse. Dus de basis op orde en de lat omhoog.'
Bron: Rijksoverheid.nl
Edith Schippers, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
De minister: 'Het allerbelangrijkste vind ik dat de basiszorg dichter bij de mensen in de buurt komt. Daarnaast wil ik een einde maken aan de doorgeschoten fusiedrift waardoor instellingen steeds groter worden, de bewoners en verzorgers elkaar steeds slechter kennen en de keuzevrijheid voor patiënten afneemt. Zorg is een belangrijk goed dat voor iedereen toegankelijk moet blijven. Ik streef ernaar dat je meer zorg krijgt voor de euro’s die je aan premie betaalt.'
Bron: Rijksoverheid.nl
Melanie Schultz van Haegen-Maas Geesteranus, minister van Infrastructuur en Milieu
De minister: 'Ik wil nog meer vaart brengen in het verkeer op de weg, op het spoor en op het water. Dat is heel hard nodig voor onze economie. Mobiliteit en milieu horen bij elkaar. Ik wil bestuurlijke drukte verminderen en procedures gemakkelijker maken. Zo kunnen we besluiten en projecten zoveel mogelijk versnellen. Het is geen vetpot de komende jaren. Daarom ga ik het maximale halen uit elke te investeren Euro.'
Bron: Rijksoverheid.nl
Marlies Veldhuijzen van Zanten-Hyllner, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
De staatssecretaris: 'Ik wil de kloof overbruggen tussen het beleid en de mensen in de zorg; de mensen die zorg nodig hebben en de mensen die in de zorg werken.'
Bron: Rijksoverheid.nl
